Misleidende koppen zetten lezers steeds vaker op het verkeerde been. Maar wie dicteert deze trend: de journalist of de markt? Hoe dan ook, de samenleving wordt gedupeerd.

De hele waarheid en niets anders, voor een goed geïnformeerd publiek? Of verfraaiing, verdraaiing en sensatie, voor een goedlopende krant? De journalistiek wordt, misschien wel meer dan ooit, gedomineerd door een spanningsveld bestaande uit twee moreel tegengestelde doeleinden.

Ik mik op de akelige verhouding tussen de belangrijkste functie van journalistiek, de Waarheid ontrafelen en deze begrijpelijk maken voor de samenleving, en de behoefte om verhalen te verkopen, om ditzelfde publiek überhaupt te bereiken.

In augustus berichtte het NRC Handelsblad: “De journalistiek (…) heeft last van functieverlies, verdringing en versplintering. Door commerciële belangen, een toename van concurrerende nieuwe media, het wegvallen van drempels naar het publiek, een afbrokkelend verdienmodel en overaanbod van informatie.”

Dit stukje meta-journalistiek verklaart ten dele waarom journalisten en kranten zich gedwongen voelen om zich aan te passen. Commerciële druk, uitdager van het belang van de Waarheid, is de boosdoener.

Gevolg van dit ‘kwaad’ zijn bijvoorbeeld misleidende koppen. Deze zijn voor sommige media meer regel dan uitzondering geworden, vooral in dagbladen zoals de Metro of De Telegraaf. Zo kopte de Metro zaterdag: ‘Verplegers laten je liggen om ziekenhuis te spekken.’

Deze kop suggereert dat verpleegkundigen massaal en welbewust hun plicht verzaken, terwijl zij juist degenen waren die kritiek leverden op de omstandigheden die ze hiertoe dwingen.

Dit soort misleiding is zorgwekkend. Onderzoek door psycholoog Ullrich Ecker wees uit dat lezers het moeilijk vinden om de boodschap uit misleidende koppen te vergeten, ook wanneer deze later wordt ontkracht.

Nog schadelijker is dat veel lezers journalisten niet eens meer de kans geven om hun bewuste misstap recht te zetten. De Washington Post berichtte namelijk dat zes op de tien mensen een artikel op social media helemaal niet lezen, maar het wel delen, op basis van de kop of wie het nog meer heeft gedeeld.

Sensatiebeluste koppen kunnen dus verstrekkende gevolgen hebben op de juistheid van de informatie die tussen mensen circuleert. En daar ligt nou juist de verantwoordelijkheid van de journalistiek en haar bijdrage aan de samenleving.

De eerste indruk moet mensen trekken, maar deze is wel blijvend, hoe foutief deze ook moge zijn. Dat is kenmerkend voor het spagaat waarin de huidige journalistiek zich bevindt.

Kan de journalist van de toekomst inspelen op de nieuwe eisen van lezers en de markt, én toch de Waarheid zo goed mogelijk benaderen? Ik hoop van wel, want de journalistiek is niets, als het haar nobele taak opgeeft om goed geïnformeerde burgers te kweken.