Afgelopen week verscheen in een aantal internationale media berichten over Mary Jane Veloso. De meeste Nederlanders zijn haar waarschijnlijk al vergeten. Toch was deze Filipijnse samen met haar medegevangenen begin dit jaar groot nieuws, met als hoogtepunt eind april.

Samen met zeven anderen was zij in Indonesië veroordeeld tot de doodstraf wegens drugssmokkel. Nadat hun executie al meerdere keren was uitgesteld was er voor hen op 28 april geen ontkomen meer aan. Het vuurpeloton stond al klaar. Op het laatste moment kreeg de zaak van Veloso echter een onverwachte wending. Een andere vrouw, Maria Kristina Sergio, meldde zich om te zeggen dat zij de drugs in de koffer van Veloso had gedaan en dus schuldig was. Zo ontkwam Veloso op het laatste moment aan de doodstraf. Tijdelijk. Ondanks de verklaring van Sergio staat Veloso waarschijnlijk nog steeds de doodstraf te wachten.

Het verhaal van Veloso en haar medegevangenen was ook in de Nederlandse kranten groot nieuws, de dagen voor de datum van de executie bleven de media berichten over de gevangenen en hun familieleden. Ook van alle pogingen van onder andere de Australische premier om Indonesië op een andere gedachte te brengen, werd verslag gedaan. Dit was niet om de laatste plaats omdat de Nederlandse regering niet lang geleden dezelfde pogingen ondernam om de Nederlander Ang Kiem Soei, die al in 2003 in Indonesië werd veroordeeld voor betrokkenheid bij de productie van XTC, de doodstraf te laten ontlopen. Alle pogingen van de koning en van minister Koenders van Buitenlandse Zaken bleken tevergeefs: Soei werd op 17 januari van dit jaar geëxecuteerd.  Als reactie op de executie werd door minister Koenders de Nederlandse ambassadeur in Indonesië teruggeroepen.

De hele internationale orde viel over de onverschrokkenheid waarmee de Indonesische regering deze executies uitvoerde. Ook Amnesty International was erg teleurgesteld over het feit dat Indonesië de doodstraf weer had ingevoerd.  Toch horen en lezen we daar de laatste tijd weinig tot niets meer over. Terwijl er nog steeds meerdere buitenlanders in Indonesië in gevangenschap zitten wegens drugssmokkel. Hoe gaat het met hen? Zitten zij nog in de dodencel? Is er nog hoop voor hen?

Onder hen is ook een Nederlander. Siegfried Mets. Over hem is ook al lange tijd niet bericht. Mets werd in 2009 veroordeeld voor een drugsmisdrijf met XTC. Hij zit nu dus al 6 jaar in een dodencel. Vooral in januari van dit jaar berichtten veel media over hem, naar aanleiding van de executie van Soei. Daarna kwam hij alleen afgelopen maand nog ter sprake in een bericht van de Volkskrant over het feit dat Indonesië haar gevangenen wil laten bewaken door krokodillen. In datzelfde bericht stond ook dat er in Indonesië nog ruim 160 gevangenen in de dodencel zitten. Behalve Mets zitten hier ook Fransen en Britten bij.

Het wordt langzaam duidelijk dat er op het gebied van wereldpolitiek weinig maatregelen tegen Indonesië kunnen worden genomen. De Nederlandse ambassadeur is inmiddels weer terug in Indonesië en ook Australië bleek Indonesië niet van gedachten te kunnen veranderen. Zo lijkt het alsof er weinig voor hen in de dodencel gedaan kan worden en worden zij door het grote publiek langzaam vergeten. En Veloso? Zij kreeg vorige week het bericht dat haar executie weer wordt uitgesteld.