Vruchtdragende bomen, kleurrijke bloemen, rivieren van water, wijn en honing en bloedmooie maagden. Het paradijs belooft een aangename plek te zijn. Nederland is ook een paradijs. Een belastingparadijs om precies te zijn. Niet rivieren van wijn en mooie maagden, maar brievenbusfirma’s bepalen hier het landschap. En daaraan komt een einde, als het aan de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) ligt.

Belastingparadijzen en brievenbusfirma’s

Een belastingparadijs is een land dat een relatief gunstig belastingstelsel kent. Kenmerkend voor een belastingparadijs zijn zogenaamde ‘brievenbusfirma’s’. Een brievenbusfirma is een bedrijf dat slechts een postadres heeft in een belastingparadijs om zo te profiteren van het aldaar geldende gunstige belastingklimaat en om (hogere) belastingen in eigen land te ontwijken. Een brievenbusfirma heeft geen kantoor, personeel of eigen activiteiten en wordt bestuurd door een trustkantoor.

Nederland belastingparadijs…

Nederland is zo’n belastingparadijs. Vanwege bilaterale belastingverdragen die Nederland heeft afgesloten, heerst hier een aantrekkelijk klimaat voor multinationals. Bronbelasting op dividend, rente en royalty’s wordt aanzienlijk verlaagd. Zogenaamde ‘rulings’ geven multinationals vooraf zekerheid over de hoeveelheid belasting die zij in Nederland over hun inkomen moeten betalen – deze is aanzienlijk lager dan de 25% winstbelasting die voor Nederlandse bedrijven geldt. Jaarlijks leveren brievenbusfirma’s van multinationals de Staat zo’n 3 tot 3,4 miljard euro op (SEO,2013).

…of toch niet?

Nederland mag dan wel een belastingparadijs zijn voor multinationals, voor veel Nederlandse bedrijven is dat het niet. Oud-FIOD-rechercheur Jan van Koningsveld liet vorige week maandag in Nieuwsuur zien dat rijke Nederlanders via offshore vennootschappen geld wegzetten in belastingparadijzen elders. Daardoor loopt de staat jaarlijks zo’n 10 miljard euro mis. Ook voor de gemiddelde burger is Nederland geen paradijs op aarde. Met een topbelastingtarief van 52% behoort Nederland tot de wereldwijde top vier hoogste toptarieven inkomstenbelasting (KPMG, 2015).

Nederland fiscaal doorvoerland

De overheid gebruikt de term ‘belastingparadijs’ liever niet. Nadat Amerika Nederland in 2009 op een officiële lijst van belastingparadijzen plaatste, nam De Tweede Kamer in 2013 een motie aan, waarin werd gesteld dat Nederland geen belastingparadijs maar ‘fiscaal doorvoerland’ moet worden genoemd.

De dag des oordeels

Belastingparadijs of niet, het einde is in zicht. Vorige week maandag presenteerde de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) een vijftienpuntenplan om belastingontwijking door multinationals tegen te gaan. Niet alleen betekent dit een einde voor de ‘fiscale doorvoer’, maar ook voor een grote hoeveelheid brievenbusmaatschappijen in Nederland, zei staatssecretaris Wiebes van Financiën vorige week dinsdag in de Volkskrant.

Waar is de waakhond?

Het is opvallend dat bijna geen enkel Nederlands medium, dat vorige week een artikel plaatste over het OESO-plan, Nederland een belastingparadijs noemt. Alleen NRC besteedt aandacht aan de motie: ‘Nederland – dat bekend staat om zijn fiscale verdragen met bijna honderd landen, maar volgens de Tweede Kamer geen belastingparadijs mag heten – moet zich aanpassen aan de veranderde omstandigheden.’ Maar: het is alleen staatssecretaris Wiebes (anti-‘Nederland belastingparadijs’) die als politicus aan het woord komt. Het lijkt er op dat de journalistiek in deze casus een rol als politieke spreekbuis vervult, waarbij het politieke ‘Nederland fiscaal doorvoerland’-frame klakkeloos wordt overgenomen.