Het hebben van veel lokale contacten en prettige omgangsvormen is voor ouderen op het platteland van weinig waarde bij het oplossen van dagelijkse praktische problemen. Wel kunnen deze contacten waardevol zijn bij sociaal-emotionele kwesties zoals eenzaamheid. Dat blijkt uit het vandaag gepubliceerde SCP-rapport ‘Kleine Gebaren’.

In het rapport beschrijft onderzoeker Lotte Vermeij hoe de relatie van de ouderen met hun dorpsgenoten van invloed is bij problemen die op hogere leeftijd toenemen. Zo is er bijvoorbeeld een sterk verband tussen eenzaamheid en lokale contacten. Bij de groep ouderen met weinig positieve lokale omgangsvormen en contacten ervaart 33 procent eenzaamheid. Bij de ouderen waarvoor het tegenovergestelde geldt is dit slechts 7 procent. Ook voelt de groep met veel contacten zich veel minder vaak neerslachtig en onveilig.

Bij praktische dagelijkse problemen is er wel een verschil in het aantal mensen dat daarbij hulp krijgt van buurtgenoten, maar een sterk verband is er niet. Onder ouderen met weinig lokale contacten heeft bijvoorbeeld 37 procent moeite met het huishouden tegenover 25 procent van hen die wel veel contacten hebben. Bij vervoersproblemen blijkt er ook geen duidelijk verband te bestaan: 33 tegenover 19 procent.

Overigens zijn het vooral de meeste kwetsbare ouderen, bijvoorbeeld alleenstaanden en lichamelijk beperkten, die hulp van dorpsgenoten krijgen. Hoewel door de hoge leeftijd en de kwetsbaarheid het aantal contacten afneemt, neemt de kans dat deze contacten daadwerkelijk hulp bieden toe. Zo heeft meer dan de helft van de 80-plussers in een jaar hulp ontvangen bij een huishoudelijk klusje, en bijna de helft werd geholpen met boodschappen doen.