“Na de dood van mijn vader bleef ik achter met mijn stiefmoeder, maar dat matchte niet. Jeugdzorg bleek de enige uitkomst. Zij hebben mij weer op het juiste pad gebracht.’’

Sally Schoen is zestien jaar wanneer haar vader op vroege leeftijd overlijdt. Haar stiefmoeder, met wie haar vader al tien jaar samenwoonde, probeert de zorg over Sally over te nemen, maar dat gaat niet zoals het moet gaan. Het Amsterdamse meisje blijkt na het overlijden al veel verder in het rouwproces dan haar stiefmoeder. ‘’Zij moest eerst alle zakelijke dingen regelen en begon pas later met ‘rouwen’. Dat gaf veel frictie. Ik was zelf natuurlijk ook een rebelse puber en in de war door de dood van mijn vader.’’

Haar stiefmoeder benaderde vervolgens Bureau Jeugdzorg. ‘’Ik was het daar zeker mee eens. Het ging gewoon echt niet meer. De wachtlijsten waren alleen zo lang, dat ik niet direct terecht kon bij Jeugdzorg om onder begeleiding te wonen. Er waren ernstiger gevallen dan mijn situatie. Toen ben ik maar bij een vriend en zijn moeder gaan wonen, want bij mijn natuurlijke moeder kon ik ook niet terecht omdat zij manisch depressief is. Dat was dus geen optie. Bovendien woonde zij in Friesland en dat was ook nog eens behoorlijk ver van mijn eigen omgeving.’’

Voor Sally was het wachten op een plek. Een half jaar bivakkeerde ze bij de vriend in Amsterdam, totdat ze werd opgenomen in een jeugdzorgverblijf. ‘’Daar zat ik tussen eigenlijk allemaal probleemjongeren’’, geeft Sally aan. ‘’Ik voelde mij daar niet thuis. Per week kregen we 50 euro om boodschappen van te doen, maar ik was één van de weinigen die ook daadwerkelijk boodschappen kocht van dat geld. De anderen kochten daar drugs of drank voor.’’

Al binnen een aantal maanden verhuisde Sally naar een andere locatie, omdat ze niet op haar plek zat. ‘’Maar op de nieuwe locatie was eigenlijk precies hetzelfde aan de hand. Ik was een ‘rijkeluiskindje’ en de rest van de groep behoorde tot de probleemjongeren, zij hadden een hele andere instelling. Dat botste regelmatig. Ik studeerde en werkte, en de rest deed dat niet. Het waren twee verschillende werelden.’’

Ook het verblijf in de andere locatie was van korte duur. Wekelijks sprak ze met haar persoonlijke begeleider over haar toekomst. Sally wilde het liefste naar eigen woning, met ondersteuning van Jeugdzorg. ‘’Dat lukte uiteindelijk ook. Net voor mijn achttiende kreeg ik een eigen woning. De eerste maanden bleef ik onder toezicht van jeugdzorg, tot ik achttien werd, toen ben ik overgedragen aan een instelling voor jongvolwassenenzorg.’’

Al snel ‘worstelde’ ze zichzelf los van de instellingen. Inmiddels is Sally bijna klaar met de kunstacademie in Utrecht. Ze kijkt met een goed gevoel terug op de laatste twee jaar van haar jeugd en de hulp van Jeugdzorg. ‘’Ik ben altijd tevreden geweest. Het was in het begin wat ingewikkeld met de lange wachtlijsten en de locaties.’’

Toch had ze begrip voor de situatie. ‘’Het was niet anders. Ik moest het accepteren. Uiteindelijk heeft Jeugdzorg mij de mogelijkheid gegeven om verder te komen. Ik heb wel veel dingen zelf moeten regelen, maar ze hebben mij wel financiële hulp geboden. Verder sprak ik iedere week met een persoonlijk begeleider en waren er regelmatig cursussen over hoe je zelfstandig in het leven kan staan, zoals ‘hoe ga je met geld om’? Dat heeft mij geholpen om zelfstandig te worden.’’