Taalbarrière niet de enige oorzaak voor uitblijven doorverwijzing allochtone borstkankerpatiënt

Jonge Turkse en Marokkaanse borstkankerpatiënten nemen over het algemeen minder vaak deel aan erfelijkheidsonderzoek, concludeerde klinisch geneticus Margreet Ausems afgelopen week. Echter, hoewel de taalbarrière tussen arts en patiënt hier een rol speelt, is de oorzaak van het probleem ook te vinden bij de druk van zorgverzekeraars op artsen om de kosten laag te houden.

Ausems stelt in haar onderzoek dat bijna de helft (48 procent) van de Turkse en Marokkaanse borstkankerpatiënten deelneemt aan erfelijkheidsonderzoek. Bij jonge borstkankerpatiënten van een andere afkomst is dit 81 procent. De taalbarrière is volgens de klinisch geneticus een belangrijke factor voor het uitblijven van verwijzingen naar erfelijkheidsonderzoek. Volgens een woordvoerder van Mammarosa, een organisatie die informatie en voorlichting geeft over borstkanker aan anderstalige en laaggeletterde vrouwen in Nederland, ligt de oorzaak voor gebrekkige doorverwijzing niet alleen bij de taalbarrière tussen arts en patiënt. De toenemende werkdruk van de arts, onder andere door de invloed van zorgverzekeraars kan leiden tot minder doorverwijzingen, aldus Mammarosa.

Ook Mehmet Uygun, oprichter en algemeen coördinator van de Stichting Gezondheid Allochtonen Nederland (SGAN), benadrukt de rol van zorgverzekeraars bij de verhoging van de werkdruk van de arts en het uitblijven van verwijzingen. Het kan zijn dat artsen een druk voelen van zorgverzekeraars om de kosten laag te houden, waardoor de arts vaker de prioriteit bij de behandeling van de patiënt legt en minder bij factoren als doorverwijzing van de patiënt, stelt Uygun. Een kwalijke zaak, zegt hij, want het is de taak van de arts om deze mogelijkheden en voorzieningen aan patiënten te bieden.

Taalbarrière is één van de vele oorzaken
Uygun stelt dat de taalbarrière voornamelijk bij de eerste generatie allochtonen een rol kan spelen. Bij de tweede en derde generatie speelt dit minder. De prioriteit van de eerste generatie ligt bij de behandeling van de ziekte door een arts, aldus Uygun. Ook zijn zij zich vaak niet bewust van de mogelijkheden en voorzieningen die een arts hen kan bieden.