Inspectie Jeugdzorg gaat de wachtlijsten onderzoeken. En dat werd tijd. De eerste signalen dat er wat mis was, zijn al 2013 gegeven. Een reconstructie.

GGZ Nederland vroeg enkele maanden na de invoering van decentralisatie binnen jeugdzorg al aandacht voor toenemende wachtlijsten. De organisatie pleitte vorig jaar juni voor een betere samenwerking tussen regio’s en gemeenten, dit zou volgens hen wachtlijsten en opnamestops kunnen tegengaan. Daarnaast vermeldt GGZ dat 67% van de instellingen in de tweede helft van 2015 wachtlijsten verwacht, omdat zij verwachten over de productiegrenzen, die met de gemeenten zijn afgesproken, heen te gaan. Verder geeft GGZ Nederland aan dat verschillen in administratieve processen per gemeente voor vertraging zullen zorgen bij het verwerken van aanvragen bij jeugdzorg. Momenteel blijft GGZ vaag over vorderingen op gebied van bovenregionale afstemming, maar telefonisch geven ze wel aan zelf meer regie te willen nemen om communicatie tussen verschillende gemeenten te verbeteren.  

Ook de Kinderombudsman heeft zich al een tijd geleden met de wachtlijsten bemoeid, in april vorig jaar waarschuwde hij in een deelrapport voor de gevaren van toenemende wachtlijsten. Hij geeft de decentralisatie van de Jeugdzorg grotendeels de schuld, maar geeft ook aan dat wachtlijsten al voor januari 2015 een probleem waren. Gisteren sprak hij echter op een congres in Enschede, waar hij zei dat het probleem omtrent wachtlijsten zo erg aan het escaleren is dat de jeugdzorg dreigt af te stormen op een probleem van pgb-achtige omvang.

Enkele maanden later, in oktober 2015, worden dezelfde problemen aangehaald bij Omroep Gelderland. Michiel Bosman van Dokter Bosman, een GGZ-instelling, geeft aan dat het gekrompen budget naar aanleiding van de decentralisatie het grootste probleem is. Er wordt veel geïnvesteerd in bureaucratie, maar weinig in de zorg zelf. Hij signaleert ook onmacht bij de verantwoordelijke instanties: ‘De gemeentes doen het niet goed, maar daar kunnen ze weinig aan doen’ zegt hij. De toenemende bureaucratie is volgens Bosman een knelpunt: het zou jeugdzorg onoverzichtelijk maken en voor verwarring bij ouders en kinderen zorgen. Annet van Zon van jeugdzorginstelling Lindenhout zegt tegen Omroep GLD dat door de slechte communicatie tussen huisartsen en wijkteams en het gebrek aan expertise in wijkteams kinderen niet alleen zorg mislopen, maar ook vaak verkeerde zorg krijgen. Niet alleen wachtlijstproblematiek dus, maar ook onkundige zorg.

Nog veel eerder met het signaleren van het probleem omtrent wachtlijsten was Minister Rouvoet. Al ten tijde van zijn aantreden als minister van Jeugd en Gezin, waren er problemen met wachtlijsten, en had hij er geen vertrouwen in dat decentralisatie daarop van positieve invloed zou zijn. Volgens hem zou daar te veel energie in gaat zitten, die beter aan de kinderen en families zelf besteed kan worden. In 2013 wordt in een persbericht van ANP vermeld dat Rouvoet pleit voor het uitstellen van decentralisatie van de jeugdzorg. Volgens hem waren de gemeentes niet goed genoeg voorbereid voor zo’n structurele veranderingen, en dat zou ten grondslag kunnen liggen aan de wachtlijstproblematiek van dit moment.

Is er dus echt reden voor verbazing? Het lijkt er eerder op dat de wachtlijstproblematiek een probleem is dat de afgelopen tien jaar al aanwezig is. De decentralisatie lijkt het probleem niet beter te hebben gemaakt: sterker nog, er zijn aanwijzingen dat de wachtlijsten juist verder zijn toegenomen sinds vorig jaar. Toch kan dit niet als enige boosdoener aangewezen worden, gezien de problematieken al eerder aanwezig waren en een toename van wachttijden al voorspeld was. Inspectie Jeugdzorg heeft in ieder geval genoeg te doen de komende tijd.